Showcase

2. April 2003

Thursday, 30 November 2006

VANITY PRESS EN ANDER MERKWAARDIG DRUKWERK: CHANDU

Waar echte wetenschap begint en pseudo-wetenschap ophoudt, valt niet te zeggen. Het lijkt er vaak op dat het voornaamste onderscheid de mate van maatschappelijke acceptatie is. Frenologie (het afleiden van iemands karakter aan de hand van de schedelvorm), Quantum-mechanika, cryptozoölogie (het bestuderen van levensvormen waarvan het bestaan nog niet is aangetoond), ufologie en audio-archeologie, het is mij allemaal even dierbaar.
Een recente aanwinst is een boek over grafologie: “Leer
uit uw handschrift”geschreven door ene Chandu en verschenen bij uitgeverij Stok ergens in de jaren ‘60. Het is zonder meer de meest gedegen grafologiese studie die we ooit ben tegengekomen, kompleet met gedetailleerde schema’s, tabellen, nauwgezette indelingen, bijlages ( de “schrijfhoek-meter”!) en een uitgebreide literatuurlijst. Toch is de grafologie in Nederland geen erkende wetenschap. Integendeel: grafologiese boeken moet je zoeken op dezelfde plank waar ook de astrologiese en handleedkundige literatuur staat. Het aardige van de grafologie is, in tegenstelling tot veel andere takken van pseudo-wetenschap, dat het heel moeilijk valt te ontkennen dat er iets van waarheid zit in het idee dat een handschrift iets zegt over iemands karakter. Maar meneer Chandu gaat hier heel ver in, door aan de hand van een paar regels te concluderen dat de schrijver iemand is met “gebrek aan geest, een primitieve, lompe natuur wiens daden uitsluitend gericht zijn op eten, drinken en seksualiteit”. Wel prettige lektuur! Zo leer je je vrienden nog eens van een andere kant kennen, zoals mijn kameraad W., die volgens de analyse van Chandu beschikt over een “totaal gebrek aan weerstandsvermogen, ziekelijke overgevoeligheid en labiliteit”.

De persoon die dit indrukwekkende boek schreef, heeft zijn pseudoniem hoogstwaarschijnlijk geleend van een Amerikaanse hoorspel-karakter uit dezelfde periode, waar we een groot fan van zijn. Deze Chandu is een magiër, wiens avonturen zich grotendeels afspelen in Egypte. Allemaal geen toeval natuurlijk omdat de Egyptische god Toth beschouwd wordt als de uitvinder van het alfabet en de schrijfkunst. Een elpeehoes van één van de Chandu-hoorpelen vertoont trouwens een bijna te opvallende overeenkomst met de omslag van het grafologie-boek. We zitten daar niet mee, maar op die manier maken we het de buitenaardse wezens, die over een paar honderd jaar de restanten van onze beschaving ontdekken, wel onnodig moeilijk om een reeël beeld van het leven op aarde te creeëren.

ESCAPE FROM AFGHANISTAN (2002) aka PESHAVARSKIJ VALTCHIK (1994)
Je kunt het je afvragen: waar blijven ze, de exploitatie films over het WTC, over de Anthrax brieven, over de ‘War on Terror’? Toen het Waco drama zich voltrok waren de filmmakers tijdens de gebeurtenissen zelf toch al aan het filmen! Maar goed, dat was het Amerika van weleer. Om de mondiale puinhoop van vandaag geexploiteerd te zien, moeten we het waarschijnlijk elders zoeken. En er gloort licht aan de horizon. Vorige week ontvingen wij namelijk een wervend mailtje uit India. Het ging als volgt:
Hello Sir, I am Vaibhav I live in India in the city Nagpur. These days terrorists are attacking every part of the world and if someone makes issue in film of this deed of terrorist attack then he will definately earn. I have scripts. If someone makes films based on those scripts he will definately earn. This is true. Because the scripts that i have are based on different types of attacking strategy adopted by the terrorists and the film will definately impress the masses because it’s a new concept. I will write for you for free after you buy my one or two scripts. You can also give my scripts to some other film maker and earn. Thanking you Vaibhav..

Toegegeven, een exploitatie filmer moet geen last hebben van scrupules. Wat dat betreft is het onderwerp wel toevertrouwd aan deze Vaibhav. Maar ook andere entrepeneurs roken de winst. In Pakistan dook een tijd terug een film op, op V-CD en video, met de titel Escape from Afghanistan. Herkomst en jaartal waren op het gephotoshopte hoesje vakkundig weggewerkt. In Pakistan zijn exploitatie films over Afghanistan erg populair. Ze kunnen er zelf goed om lachen, films als Rambo III van Sylvester Stalone of het Italiaanse Afghanistan debakel Warbus II uit 1988 van Ferdinando Baldi. Maar wat we hier hebben is allerminst lachwekkend en niet weinig weird.

Escape from Afghanistan blijkt een behoorlijk rauwe en originele film te zijn waarin logica wordt opgeofferd voor hallucinante impact. Behandeld wordt, anders dan het Pakistaanse copy-en-paste hoesje suggereert, niet de huidige ‘War on Terror’ maar de Russisch-Afghaanse oorlog van de jaren ‘80. De film volgt een BBC reporter die in een geheim Mujahedin kamp nabij Peshawar 15 Russische krijgsgevangenen wil interviewen. De jongens zijn door de lange oorlog gedegradeerd tot beesten. Tijdens het interview breekt hun laatste restje verstand en komen ze met weggegraaide Kalashnikovs in opstand. Ze kunnen echter geen kant op en dwalen gedesorienteerd en gewond door eindeloze gangen, vechtend tegen schimmen. De journalist en een aanwezige dokter houden een aantal dodelijk gewonde Russen met moeite in leven waardoor het gezelsschap meer en meer richting een leger van zombies gaat. Op een bepaald punt komt een lijk zelfs tot leven om zijn laatste joint op te roken. De film komt uit Rusland en dat is aan de stijl af te lezen. Hoewel de nadruk duidelijk op de sensatie ligt, hebben de regisseurs Timour Bekmambetov en Geunady Kayumov en camera mannen Feudor Araniskev en Sergei Trofimov niet nagelaten hun artistieke inspiratie te tonen. De verbeten, door pijn vervormde gezichten worden in uit het lood geslagen close ups op je afgevuurd, zonder rekening te houden met filmische conventies als de shot/reverse shot. Gevolg is dat de film nog meer desorienteert dan normaal al het geval zou zijn geweest. Een bezienswaardige film die eerder aan sleaze films als Combat Shock of Thou Shalt Not Kill…Except doet denken dan aan meer voor de hand liggende films als Platoon.
Na wat uitzoekwerk blijkt deze film al uit 1994 te stammen en won hij indertijd de ‘best director’ prijs op het film festival van Karlovy Vary. Hij heette toen nog Peshavarskij Valchik (‘Peshawar Waltz’). De prestigieuze qualiteit die de film in de Russisch gesproken versie moet hebben gehad, is op deze Pakistaanse versie ietswat ondermijnd doordat de Engelse vertaling door een en dezelfde acteur over de originele geluidsmix heen wordt geschreeuwd, wat op zich wel weer een extra laag van onwaarschijnlijkheid aanbrengt.
Het blijkt ook dat Roger Corman’s New Concorde de film heeft aangekocht. Ook Corman zal hebben zitten broeden op de ontstane lacune in exploitatie door de verstikkende ‘War on Terror’. Op deze manier kan hij daar in springen zonder persoonlijk zijn handen te branden. De film is inmiddels opnieuw nagesynchroniseerd en op DVD wederom de wereld ingestuurd. Oneindig zonde is dat deze versie voor de Amerikaanse markt opnieuw gesneden is en de symfonische score van Alexander Voytinski deels is vervangen door vreselijke rock van nieuwkomer Mel Lewis. Als u deze New Concorde DVD bestelt en bekijkt, zal u wellicht denken: waar hadden ze het in Fool’s Gold nou in godsnaam over?
Helaas, voor mensen die niet aan de originele of Pakistaanse versie kunnen komen, is het dus wachten tot de film van Vaibhav het licht ziet. Mocht u dit Indiase exploitatie project wat willen versnellen door een financiele investering te doen: we hebben Vaibhav’s email adres nog wel. Want vergeet niet: You will definately earn. This is true!

WILDE MANNEN: Frits Jonker’s quest voor Laguestra

Het begon voor mij met een hoesloos singeltje dat ik een jaar of 10 geleden kocht van een muzikant met de exoties klinkende naam Laguestra. De naam W. Langestraat, die als componist op het label werd vermeld, deed echter vermoeden dat het hier om een Nederlander ging. Dat wekte mijn belangstelling omdat de muziek veel exotischer klonk dan alles wat ik uit Nederland kende.

Vele zoektochten, brieven en telefoontjes later kwam ik erachter dat Laguestra een pseudoniem is van de in 1914 in Rotterdam geboren muzikant, komponist, orkestleider en muziekverzamelaar Willy Langesraat. Onder zijn eigen naam maakte hij een stuk of 15 singles waarop hij klarinet of saxofoon speelt in een afdeling van de jazz waar ik weinig om geef. Maar de muziek die de man maakte als Laguestra is andere koek! Om te beginnen maakte hij eind jaren 50 al een mini elpee getiteld Utopia, met allerlei niet-westerse muziekinstrumenten en opvallend veel perkussie. In Amerika was dit niets bijzonders maar in Nederland en omstreken was Laguestra absoluut een pionier. Duimpiano’s, sitars en talking drums kon je in die tijd hooguit in een vitrine van het Tropenmuseum aantreffen, wat verklaart dat de man nooit veel succes heeft gekend. Hoewel hij ook nummers coverde zijn vooral zijn eigen composities interessant: Casbah, Berbersong, Turkish Coffee, The Flying Carpet, het waren destijds paarlen voor de zwijnen in een land en een tijd waar het meest exotiese een handje pinda’s was als er visite kwam.

Hoewel de man tot aan zijn dood in 1998 voor de muziek heeft geleefd, heeft hij nooit de erkenning en waardering gekregen die hij verdiend. Veel van zijn muziek is ook nooit uitgebracht en op ceedee is er hem bij mijn weten zelfs helemaal niets verkrijgbaar. Het is de vraag wat er nog van zijn muziek bestaat. Onlangs dook een fragment op van een compositie die hij schreef voor een orkest met sitar. De sitar wordt uiteraard bespeeld door Willy Langestraat zelf. Er bestaat ook een documentaire die de Wereld Omroep in de jaren 60 over hem maakte en daarin demonstreert hij met een aandoenlijk enthousiasme hoe hij met een meer sporenrecorder in z’n eentje een compleet orkest laat klinken. Er was geen instrument waarop de man geen muziek kon maken.
Tekening van Willem Vleeschouwer voor hoes van CD

DE SPOREN VAN UW VOORGANGER: RETURNED BOOKS
De mens kan gezien worden als een overwinning op de natuur,dankzij het vreemde vermogen om dingen te doen die nog nooit eerder gedaan zijn. Waar de natuur, met het uiterst traag en omslachtig werkende proces dat wij evolutie noemen, duizenden en duizenden jaren voor nodig heeft, kunnen wij in een fraktie van een sekonde en aan de lopende band: nieuwe dingen bedenken, doen en maken. Aan dit vermogen danken we alle cultuur en dus in feite de hele wereld waarin u en ik leven. Helaas zijn we onze verbeelding en het vermogen om die verbeelding om te zetten in daden en produkten zo vanzelfsprekend gaan vinden, dat iemand wel héél creatief uit de moet komen wil het nog opvallen.
Marc Fischer slaagde er onlangs in om ons weer heel even bewust te maken van deze zwaar ondergewaardeerde menselijk eigenschap met een door hem in eigen beheer uitgegeven publikatie van slechts 10 paginaas. In dit gefotokopieerde boekje brengt Marc in kaart wat er zoal wordt aangetroffen in boeken die de bibliotheek terugkrijgt. Naast een artikel waarin de meest bizarre vondsten worden beschreven staat er ook een lijst in van kategorieen van objekten die mensen als boekenlegger gebruikten. “At Southwest County Regional Library in Boca Raton, staffers swear a book came in with a strip of cooked bacon marking the reader’s place. Or maybe a critic was marking a hammy passage”. Ook opgenomen zijn een paar pagina’s met tekeningen of eigelijk silhouetten op ware grootte van enkele in boeken aangetroffen objekten.
De volslagen overbodigheid van dit werk, in kombinatie met de bijna ontroerende liefde die de auteur voor het onderwerp heeft, zijn een schoolvoorbeeld van wat gekkenwerk nu eigenlijk precies is.