Showcase

Copyright

Wednesday, 11 March 2015

Een van de betere letteropdrachten die ik ooit heb gedaan was het letteren van de Donald Duck-scheurkalender. Dat waren 365 strookjes die ik niet alleen moest letteren maar ook omwerken van een strook naar een vierkant geheel. Door handig de kaders weg te knippen, hier en daar wat bij te tekenen en de balloons opnieuw te tekenen ging dat meestal vrij makkelijk. Het was veel werk, maar ik kreeg 3000 gulden voor het letteren van zo’n kalender en dat was goed betaald voor letterwerk. Ik denk dat ik in de jaren tachtig en begin negentig een stuk of tien van die scheurkalenders heb geletterd. Toen waren de stripjes op; dat was oud werk, uit de jaren veertig of vijftig en echt heel goed. Het zou lastig zijn geweest om iemand elk jaar 365 nieuwe strips van die kwaliteit te laten maken.
Vorige week stuurde iemand me een foto, die hij had gemaakt op een toilet bij vrienden.:

Hij herkende mijn letter en vond het leuk om me dit te laten zien. Ik vroeg waarom iemand zo’n antieke scheurkalender op zijn WC had hangen, maar het bleek een uitgave van 2015. Kennelijk hebben ze het materiaal herdrukt.
Dat blijft raar: als letteraar heb ik geen enkel recht. Er is een keer een uitgever geweest die me geld gaf toen ze iets herdrukten dat ik voor ze had geletterd. Dat was Malmberg en ik wist niet wat ik meemaakte. Zij betaalden voor die herdruk 15% van wat ik voor de lettering had gekregen. Dat ging om 15% van tweehonderd gulden, maar het ging vooral om het gebaar.
Ik had de strijd toen al opgegeven. Van de helft van de duizenden boeken die ik heb geletterd kreeg ik hooguit een enkel presentexemplaar, en vaak pas nadat ik er weken om gezeurd had. Behalve die ene keer bij Malmberg heb ik nooit geld gekregen als een strip die ik had geletterd werd herdrukt of op een andere plaats werd nogmaals gepubliceerd. In zeker een kwart van de stripboeken die ik heb geletterd weigerde de uitgever mijn naam in het colofon te vermelden. Ik kwam als letteraar ook niet in aanmerking voor uitleenvergoedingen van de bibliotheken. Vertalers kregen daar jaarlijks duizenden guldens voor en zelfs de vormgevers kregen geld van de bibliotheken. Maar letteren was geen erkend vak. Dat ik als letteraar vaak de hele vormgeving er gratis bij deed was zo gebruikelijk dat dit nooit in een colofon vermeld werd, dus het had weinig zin om daar achteraf over te gaan zeuren.
Als letteraar heb ik ruim 25 jaar een goed inkomen verdiend. Niet omdat het werk zo goed betaald werd, maar omdat ik heel veel geletterd heb en relatief geleefd heb. Dat is nooit een probleem geweest: strips zijn nu eenmaal geen goudmijn en dat ik er überhaupt zo lang van heb kunnen leven kunnen weinig tekenaars en uitgevers en winkeleigenaars me nazeggen. Dus ik wil over al dat geldgedoe ook niet meer gaan zeuren dan ik hier nu eenmalig doe. Zeker niet omdat ik destijds heel tevreden was over het honorarium dat ik kreeg voor het letteren van de scheurkalenders. Maar het blijft raar dat je werk ongevraagd en onbetaald wordt hergebruikt. Iemand doet dat immers omdat er geld aan te verdienen valt, en dan hoort een deel van dat geld in mijn optiek naar de makers te gaan. Maar goed, terwijl ik dit schrijf zit ik te luisteren naar een playlist op YouTube en ik denk niet dat de makers van die singels daar een cent voor krijgen. Het netjes regelen van copyright is een groot probleem waar ik ook geen oplossing voor weet.

Comments:

Blinky

2015-05-18 15:33:11

Hee, die had ik vroeger ook! toch onbewust meer Jonker meegekregen dan ik dacht dus!

← Kaarten op kaarten
Kroonjuwelen →