Showcase

Rotring Variant (2)

Sunday, 16 October 2011

De tekenpennen, zoals oa de firma Rotring die maakt(e), zijn bedoeld om technisch tekenwerk mee te doen. Dat betekent dat de pennen gemaakt waren om rechtop mee te schrijven. Ik gebruikte ze om mee te letteren, en daarbij houd ik de pen schuin, en eigenlijk konden ze daar niet goed tegen. De inkt stroomde vaak niet lekker, de punten verbogen, en zeker op de harde plastic films, waar ik soms op letterde, versleten de punten snel. Het was niet vreemd als ik een pen (destijds bijna 20 gulden) na het letteren van één stripboek moest wegooien omdat de schrijfdikte een millimeter was toegenomen. Door de pen altijd onder exact dezelfde hoek op het papier te houden en de pen te draaien terwijl ik schreef, kon ik er soms iets langer mee doen, maar als het ten koste ging van de lettering, moest ik zo’n pen toch wegggooien. Ik probeerde de punten altijd nog even bij te slijpen voordat ik ze weggooide, maar dat lukte meestal niet, en als het wel lukte, kon ik er meestal maar heel kort mee schrijven voordat het probleem zich opnieuw voor deed.
Omdat ik gemiddeld ongeveer tien gulden per geletterde pagina kreeg en een gemiddelde strip zo’n 44 pagina’s telde, was het op zich niet zo’n punt dat ik een pen per boek versleet. Ik vond het alleen zonde, ik gooi niet graag iets weg. De vorige eigenaar van de plastic tas die ik gisteren van Mascha kreeg, gooide ook niet graag iets weg. Dat werd al snel duidelijk toen ik het cadeau nader bekeek. In de doosjes zaten nog een paar gebruiksaanwijzingen, kapotte onderdelen (!) en zelfs een groot aantal voorlopers van de tekenpennen zoals Rotring die maakte.

Ik ken de geschiedenis van de tekenpen niet, maar voordat er navulbare tekenpennen op de markt kwamen die werkten als een gewone vulpen, waren er speciale kroontjespennen. Die werden gemaakt in allerlei diktes, en op een gegeven moment waren er ook buisjespennen, die net als een kroontjespen op een houder moesten worden geschoven en dan in een inktpot worden gedoopt. Joop Eilander, zoals de vader van Mascha heette, en aan wie ik deze spullen te danken heb, had een set van Pelikaan, de “Graphos” genaamd. In één van de doosjes zaten een paar van die pennetjes, en een foldertje:

Om inkt in die minuscule buisjes te krijgen, moest je een pipetje gebruiken. Bij de ingang van het buisje (en voor alle duidelijkheid, die hadden doorsnedes van een millimeter!), zat een klein spiraaltje, dat fungeerde als inktreservoir en voorkwam dat de inkt langs de buitenkant van het buisje naar beneden druppelde.

Zeer ingenieus en nog maar een paar stappen verwijderd van een tekenpen als de Rotring Variant.
Ik weet niet welke firma als eerste een technische tekenpen op de markt bracht die er uitzag als een gewone vulpen.

Rotring was zeker één van de eersten, maar misschien waren er voorlopers. Er waren zeker naapers. Daar van heb ik er een paar in de kast liggen en ooit ga ik u daar ook nog mee lastig vallen.
In dit pakket zat slechts één flacon zwarte inkt van zo’n nepmerk, met de fraaie naam “Colorstar”. Ik snap niet waarom er zo weinig over dit onderwep wordt geschreven; alleen al de verpakkingen van alle merken die probeerden iets mee te pikken enorme omzet, die op de tekenpennenmarkt werd gemaakt door firma’s als Rotring, Schaeffer en Pelikaan, zijn een boek waard.
In de plastic tas zat ook een setje sjablonen (merk Linex ) om bochten mee te tekenen. Die heb ik zelf ook ooit gekocht, maar nooit gebruikt.

Hoewel het er simpel uitziet, vond ik het enorm ingewikkeld om met die hulpstukken een smetteloze gebogen lijn op papier te krijgen. Ik had al snel besloten dat ik liever net zolang ging oefenen tot ik dat uit de losse hand kon.
Ook zaten er twee “typometers” in de zak. Dat waren doorzichtige stukken plastic met tabellen, waarme je kon berekenen hoeveel centimeter een bepaalde fontgrootte innam.

Voor mensen die jonger zijn dan dertig, moet dit klinken als een alchemistisch recept uit de middeleeuwen, maar het waren ooit onmisbare hulpstukken voor een grafische ontwerper!
Ten slotte een hoogtepunt uit deze zak met tekenmateriaal van Joop Eilander: een kaartje van 10×15 centimeter waarop hij precies heeft opgeschreven wat hij allemaal bezat.

Dit geeft niet alleen dat hij ongeveer uit hetzelfde soort hout was gesneden als ik, maar ook hoe waardevol deze spullen voor de man waren. Ik vroeg Mascha nog of ik op het internet nog iets van haar vader zou kunnen terugvinden, maar volgens haar was dat helaas niet het geval. Dus voorlopig houdt dit verhaal hier jammer genoeg op.
Of nee, er zaten ook nog vijf lucifergrote zwarte dingen in één van de doosjes die ik niet herkende:

Als u weet wat je met deze dingen geacht werd te doen, zou ik dat graag van u horen.

Comments:

luc daemen

2012-02-09 22:59:22

Wat je hierboven ziet zijn kunstofafdichtstoppen om de pennehouder van je Graphos pennenhouder mee af te dichten, zodat de inkt niet uit het vulbuisje kan stromen. Je kan langs onderzijde van de houder langs de metalen ronde opening inkt indruppelen om zo je houder te vullen. Wel moet je deze plastiekstukken regelmatig uitwassen zodat de oost-indische inkt niet versteent.

luc daemen

2012-02-09 23:06:36

Ik ben zelf bouwkundig tekenaar en heb met deze pennen minimum 4 jaar getekend, zonder stukken. Het waren de beste tekenpennen voor op kalk omdat je de inkt in de lijnen sneed en niet zoals bij Rotring of Staedler de inkt bovenop je kalk uittrekt zodat een bol lijntje op de kalk terecht komt. Ook verstropten deze inktpennen regelmatig omdat fijne kalkvezels de naald en de schacht van deze pennen zich vastzetten zodat de naald niet meer kon bewegen en geen inkt meer doorliet. Bij de Graphos tekenpennen kwam zoiets niet voor, pennetje open, afvegen, pen sluiten en de inkt was er terug en je kon verder tekenen. De andere vulpennen moest je daarom steeds volledig demonteren en uitwassen met veel voorzichtigheid.

luc daemen

2012-02-09 23:06:49

Wat je hierboven ziet zijn kunstofafdichtstoppen om de pennehouder van je Graphos pennenhouder mee af te dichten, zodat de inkt niet uit het vulbuisje kan stromen. Je kan langs onderzijde van de houder langs de metalen ronde opening inkt indruppelen om zo je houder te vullen. Wel moet je deze plastiekstukken regelmatig uitwassen zodat de oost-indische inkt niet versteent.

Rien Sieben

2012-07-04 17:56:51

Wat heerlijk om weer eens afbeeldingen te zien van Graphos pennen. Eerlijk gezegt was ik de naam vergeten. Op de tekenkamer van machinefabriek Voorwaarts in Amsterdam Noord leerde ik daarmee in 1960 tekenen. Zolang je de boel schoon hield kon je er prima mee tekenen. Maar in het begin heb ik er heel wat mee afgeknoeid. (Oostindische inktvlekken, kreeg je alleen uit je kleren als je er snel met heel veel water bij was)

Rien Sieben

2012-07-04 18:14:39

Vervolg.
Ik heb met Graphos pennen van 1960 tot ca. 1975 technische tekeningen gemaakt. De pennen met veertjes maar een paar jaar, omdat die erg kwetsbaar waren. Daarnaast werd ook al met Rotring pennen gewerkt. Een grote Graphos doos met zwart fluweel en een dubbele rij pennetjes heb ik nog tot 2003 bewaard in mijn tekenlade. Op een dag werd er ingebroken en weg was mijn dierbare doos! In 1990 werd mijn tekenbord verwisseld voor een 3D tekencomputer. Type Pro-Engineer. Daar heb ik echt grijze haren van gekregen. Maar toen ik het eenmaal onder de knie had verdwenen al mijn oude tekenspullen in een doos, die ik nog steeds heb.

Marianne Rondas

2014-07-28 12:32:10

Ik bezit een hele doos graphos pennen (voorloper van de rotring. Wie helpt me aan een pennenhouder?
Ik verkoop ook de pennetjes aan 0,5 euro ‘t stuk.

← Rotring Variant (1)
Dirk Koorn →